Je legt je baby op zijn buik en binnen een paar tellen ligt hij met zijn neus in het kleed te huilen. Veel ouders stoppen er dan maar mee. Toch is buikligging bij je baby een van de makkelijkste manieren om zijn nek, schouders en armpjes sterker te maken en een plat achterhoofd te voorkomen. Het hoeft niet lang te duren. Hieronder lees je hoe je het per leeftijd opbouwt en wat je doet als je baby het niet leuk vindt.
Kort gezegd: buikligging bij je baby
Leg je baby vanaf de geboorte elke dag meerdere keren kort op zijn buik, alleen als hij wakker is en jij erbij bent. Begin met een paar minuten en bouw het rustig op. Vaak en kort werkt beter dan lang en huilend. Slapen doet je baby altijd op zijn rug.
- Vanaf wanneer: vanaf de eerste dagen, bijvoorbeeld op jouw borst.
- Hoe vaak: meerdere keren per dag, op momenten dat je baby wakker en tevreden is.
- Altijd: wakker en onder toezicht. Valt je baby in slaap, leg hem dan op zijn rug.
- Waarom: sterkere spieren, voorbereiding op omrollen en kruipen, en minder kans op een plat hoofdje.
Waarom is buikligging zo belangrijk?
Baby’s slapen op hun rug, omdat dat het veiligst is. Daardoor liggen ze ook overdag vaak op hun achterhoofd. Volgens de JGZ-richtlijn Voorkeurshouding en schedelvervorming geeft weinig buikligging als je baby wakker is meer kans op een afgeplat hoofdje. Op de buik oefent je baby bovendien het optillen van zijn hoofd en het steunen op zijn armen. Dat heeft hij later nodig om om te rollen, te zitten en te kruipen.
Buikligging baby: schema per leeftijd
| Leeftijd | Waar | Wat zie je vaak? |
|---|---|---|
| Eerste weken | Op je borst of over je schoot | Draait het hoofdje opzij, tilt de kin even op |
| 1 tot 3 maanden | Op een dekentje op de vloer | Tilt het hoofdje steeds hoger op, steunt op de onderarmen |
| 3 tot 6 maanden | Op de vloer, met speelgoed | Drukt zich op, reikt naar speelgoed, begint met omrollen |
| Vanaf 6 maanden | Vrij spelen op de vloer | Draait rond op zijn buik, schuift of kruipt |
Dit schema is een richting, geen opdracht. Lukt het jouw baby een paar weken later, dan is dat ook goed. Benieuwd wat er verder per maand gebeurt? Lees over de ontwikkeling van je baby per maand.
Zo oefen je buikligging: stap voor stap
- Kies het goede moment. Na het verschonen of na een slaapje werkt vaak goed. Wacht na de voeding even, met een volle buik vinden veel baby’s het niet fijn.
- Begin op jou. Ga half liggen en leg je baby met zijn buik op jouw borst. Dat telt ook als buikligging.
- Ga daarna naar de vloer. Leg een dekentje op de grond en ga zelf op ooghoogte liggen.
- Zet de armpjes naar voren, onder de schouders. Dan kan je baby beter steunen.
- Stop op tijd, voordat je baby echt overstuur raakt. Probeer het later nog een keer.
Baby huilt bij buikligging: 6 trucs die helpen
Veel baby’s vinden buikligging in het begin niet leuk. De JGZ-richtlijn adviseert om niet te snel toe te geven door je baby meteen weer om te draaien: vaak went het. Deze trucs maken het makkelijker:
- Een opgerolde handdoek onder de borst en oksels, zodat je baby zijn hoofd makkelijker optilt.
- Jouw gezicht vlak voor hem: praten, zingen en gekke gezichten trekken.
- Iets om naar te kijken: een babyspiegeltje, een plaatje met zwart-wit contrast of een kleurig speeltje.
- Buikligging over je schoot, terwijl je zacht over zijn rug wrijft.
- Op je arm dragen: je baby met zijn buik op je onderarm, zijn hoofdje bij je elleboog.
- Heel vaak heel kort: liever tien keer een minuut dan één keer tien minuten huilen.
Heeft je baby last van spugen of reflux? Wacht dan wat langer na de voeding. Lees ook wanneer spugen normaal is.
Buikligging en slapen: nooit samen
Buikligging is voor als je baby wakker is en jij erbij bent. Valt je baby in slaap, draai hem dan op zijn rug en leg hem in zijn eigen bedje. Volgens de JGZ-richtlijn Preventie wiegendood leg je een baby nooit op zijn buik om te slapen, ook niet als hij erg huilt. Lees alle regels bij veilig slapen voor je baby.
Draait je baby zijn hoofd steeds naar één kant?
Dat heet een voorkeurshouding. Het achterhoofd kan dan aan die kant platter worden. Deze tips uit de JGZ-richtlijn helpen:
- Leg speelgoed en praat vanaf de kant waar je baby niet uit zichzelf naartoe kijkt.
- Wissel bij de fles af tussen je linker- en rechterarm.
- Draag je baby in een ronde houding.
- Laat je baby maar kort in een wipstoeltje liggen. In een autostoeltje kan hij niet vrij bewegen, gebruik het alleen in de auto.
Volgens de JGZ-richtlijn wordt behandeling door een osteopaat, chiropractor of manueel therapeut afgeraden, omdat bewijs ontbreekt. Meer over bewegen en groeien vind je in onze gids ontwikkeling van je baby.
Lees ook: wat ziet een baby, en hoe help je het zien op weg.
Wanneer naar de huisarts?
Bespreek het met het consultatiebureau of de huisarts als:
- je baby zijn hoofd bijna altijd naar dezelfde kant draait;
- je een platte plek op het achterhoofd ziet, of het hoofdje scheef lijkt;
- je baby met 3 tot 4 maanden zijn hoofdje nog niet goed kan optillen;
- je baby erg slap of juist erg stijf aanvoelt, of één arm veel minder gebruikt;
- je baby bij elke buikligging hevig huilt en je denkt dat hij pijn heeft.
Is je baby tijdens of na de buikligging benauwd, blauw rond de lippen of slap? Bel dan 112.
Veelgestelde vragen
Hoe lang moet een baby op zijn buik liggen?
Er is geen vast aantal minuten. De JGZ-richtlijn adviseert om je baby vaker, maar kort op zijn buik te leggen. Begin met een paar minuten en laat het vanzelf langer worden als je baby sterker wordt.
Mag mijn baby op zijn buik slapen?
Nee. Slapen doet je baby altijd op zijn rug, ook als hij al kan omrollen. Leg hem altijd op zijn rug neer in een veilig ingericht bedje.
Telt dragen in een draagdoek als buikligging?
Rechtop dragen traint ook de nek, maar op de vloer kan je baby zich opdrukken en vrij bewegen. Doe allebei.
Hoe stimuleer ik buikligging bij een baby van 3 maanden?
Leg een speeltje net buiten bereik, zodat je baby zich opdrukt en gaat reiken. Ga zelf voor hem liggen en beloon hem met je stem en een lach als hij zijn hoofd optilt.
Bronnen
- Nederlands Centrum Jeugdgezondheid: JGZ-richtlijn Voorkeurshouding en schedelvervorming (adviezen en beleid)
- Nederlands Centrum Jeugdgezondheid: JGZ-richtlijn Preventie wiegendood
- Nederlands Centrum Jeugdgezondheid: JGZ-richtlijn Motorische ontwikkeling
- Opvoeden.nl: Kruipen
Dit is algemene informatie en geen medisch advies. Heb je zorgen over de houding of de ontwikkeling van je baby, neem dan contact op met het consultatiebureau of de huisarts.
